Met een noodoplossing voor de verstaging vertrekken we tegen de avond naar Martinique, uitgezwaaid door de bemanningen van de Gaia en de Dahlwinnie. We hebben een leuke tijd gehad op Barbados en terwijl zij naar het zuiden gaan, maken wij een ongebruikelijke move naar het noorden. Op Martinique zijn veel jachtvoorzieningen waaronder een goede tuiger, maar bovendien krijgen we bezoek dat invliegt op Martinique en St Lucia.
Eenmaal uit de luwte van Barbados krijgen we de stevige passaatwind weer in de zeilen en met een knoop stroom mee schiet het lekker op, de bijna 120 mijl naar Matinique tellen we snel af. Aan het eind van de nacht zakt ineens de wind helemaal weg en zitten we in een groot buiengebied. Het ziet zwart om ons heen, maar wind is er niet meer. Pas na twee uur motoren pikt de wind weer op en is Martinique net aan bezeild.
Het blijft buiig weer en als we 's ochtends de Cul de Sac de Marin willen invaren wordt het helemaal grijs voor ons. De schepen die voor ons liggen, de bergen, betonning, alles wordt aan het zicht onttrokken door een enorme hoosbui. Luiken dicht, kussens naar binnen en klaarmaken voor onder water! Als de hoosbui is overgetrokken opent zich de invaart naar Le Marin en tussen de riffen door varen we de enorme ankerplaats op. Naast alle charterschepen in de grote marina liggen hier honderden schepen voor anker.
Als we een ankerplekje gevonden hebben komt de to-do lijst naar buiten, we hebben twee dagen voordat ons bezoek op het vliegveld landt. De boot moet worden opgeruimd en het logeerbed vrijgemaakt worden, plaats in de marina regelen, huurauto regelen, buitenboordmotor laten repareren (die is er op Barbados helaas mee gestopt), boodschappen inslaan (dat gaat heel goed en relatief goedkoop hier bij Ed) en de verstaging en wantspanners bestellen. Het lijkt wel aangenomen werk...