Inmiddels schrijf ik dit bericht vanuit de kuip in de Royal North Sea Yacht Club van Oostende. Laptop op schoot, biertje naast me, live muziek op de kant. Gisteren (dinsdag) zijn we vertrokken, een week later dan gepland, maar in een project als dit mag dat geen naam hebben. Aanvankelijk wilden we er stilletjes tussenuit piepen, maar een aantal mensen heeft de moeite genomen vroeg op te staan om ons uit te zwaaien. Erg leuk, en na een kop koffie vertrekken we. Maar niet voordat we afgerekend hebben met Harry, havenmeester van WV Zierikzee, die voor ons een plekje heeft vrij kunnen houden voor de weken dat we in de haven lagen.

Dan neemt iedereen een landvast in de hand en zijn we los voordat we er erg in hebben. We varen de haven van Zierikzee uit en zwaaien tot we in het havenkanaal zijn. Dan de Oosterschelde op en we varen op de motor richting de Roompotsluis, waar we direct kunnen schutten. We liggen net in de sluis als we een bebaarde kop boven de sluismuur uit zien komen; Bram komt ons nog een goede reis wensen en zwaait ons de Noordzee op.

We kruisen langs de Kop van Walcheren de Roompot uit, waar nog een vervelend zeetje staat als gevolg van de harde wind van de afgelopen dagen. Het levert ons allebei een beetje katterig gevoel op. De stress van afgelopen weken, het haasten van vanmorgen en niet ontbijten helpen dan ook niet mee. Maar de bolussen die Oby ons nog heeft meegegeven slepen ons er door heen, en als het voor Westkapelle rustiger wordt varen we op een aandewindse koers richting Zeebrugge. Nadat we 3 uur lang de kranen van Zeebrugge tergend langzaam dichterbij zien komen (met soms 3 knopen stroom tegen, dus dat schiet niet op) zakt de wind er uit, en zetten we de motor bij. Aan het begin van de avond meren we af in Oostende, ruimen de boot op en terwijl op de kant een jazzbandje staat te spelen drinken wij ons eerste "finishbiertje". De eerste mijlpaal is bereikt, we zijn vertrokken!
