15 mei 2009

Saba - Bonaire

Het is één uur als we maandagmiddag in Ladder Bay de meerboei los maken en het zeil zetten voor de drie-, vierdaagse trip naar Bonaire. Eenmaal uit de beschutting staat er, zoals we vanmorgen al merkten, een onrustige zee maar met een 4 bft waait het lekker en koersen we in zuidwestelijke richting op de Saba Banken af. Een bankengebied dat zich uistrekt over een 35 vierkante mijl ten zuidwesten van Saba. Bij harde wind en veel swell zou ik het niet wagen eroverheen te koersen, maar met dit weer moet dat lukken. De zee is iets bokkiger boven de banken maar van brekers is geen sprake. Naar verluidt is het hier goed kreeften vissen, en de vele vissersboeitjes bevestigen dat. Het goed opletten en slalommen om tussen rijen boeitjes door te varen.
Net voor donker zijn we de banken gepasseerd en komen op ruim water. Beetje bij beetje zwakt de wind af en nemen ook de golven af. Voor het eerst sinds een oversteek slaap ik vijf uur aan een stuk door. En als ik wakker wordt vraag ik me af of we voor anker liggen zo rustig varen we. Het rif, dat gisteren preventief in het grootzeil is gezet halen we er 's ochtends uit en sinds lange tijd varen we weer vol tuig. Iets ruimer dan halve wind, 3-4 bft en snelheid tussen de vijf en zes knopen over een heerlijk rustige zee. De eerste 24 uur zitten erop en 128 afgelegde mijlen staan op de klok.

Ook vanmiddag is het opletten en slalommen want er drijft hier van alles door het water. Eerst een paar grienden, dan volgen bamboestokken, boomstammen, zelfs iets dat op een kar leek met de banden boven water!? Je moet er niet aan denken wat er kan gebeuren wanneer je daar bovenop zou varen! Als we een paar keer een harde bonk tegen de romp horen schrikken we dan ook heftig maar gelukkig blijkt het om een een stel verdwaalde kokosnoten te gaan.
Regelmatig zien we de Sea-Me radarverklikker oplichten ten teken dat er scheepvaart met radar in de buurt is. Wij zijn in ieder geval gezien, en we zien de oceaanstomers op de radar. Maar blijkbaar neemt men het hier niet zo nauw met de AIS verplichtingen want onze AIS ontvanger meldt niks. Pas als tot twee keer toe een vrachtschip gepasseerd is komt er een AIS signaal binnen; scheepsnaam onbekend. Dat geeft toch te denken. Toch maar iets minder op de AIS ontvanger vertrouwen en meer op de radar. En straks op Curacao de antennekabel maar eens controleren...
Met dit rustige weer kan er gekookt worden: macaroni met spaghettisaus. Het smaakt er niet minder om. Vlak voor donker zetten we het nachtrif weer in het grootzeil en dat blijkt niet voor niks. In de avond trekt de wind aan en beginnen ook de golven zich weer wat op te bouwen. 's Nachts krijgen we een flinke regenbui op onze pet maar gelukkig komt er niet meer wind uit. Ondanks de toegenomen wind is het een rustige nacht.
Totdat 's morgens een brutale golf zich door het voorluik perst! Vanwege het rustige weer en omdat de bijboot over het luik heen ligt hebben we gisteren het luik op een kier gezet zodat het met 33 graden in de boot nog een beetje te harden is. Bed nat, Ascha pissig.
Omdat de golven steeds brutaler worden gaan de luiken dicht. Klaar voor onder water. En dat blijkt nodig ook want gedurende de dag nemen zowel de wind als golven toe en tegen de middag zitten er weer flinke kuilen in de weg. Bijzonder is dat een vogel (wij zijn geen vogelkenners, dus wie het weet mag het zeggen) de halve ochtend met ons mee vliegt. Speurend naar visjes vliegt hij steeds rakelings voor de boot langs. Intussen hebben we er 48 uur opzitten, goed voor 145 mijl. Voorzichtig durven we aan aankomen te gaan denken, en als het in dit tempo gaat zal het morgenmiddag al zijn! Net lang genoeg om het boek, dat we bij ons vertrek kregen, uit te lezen!

 

In de middag zetten we een tweede rif in het grootzeil. De wind is inmiddels toegenomen tot een flinke 6, af en toe 7 bft en van kuilen is inmiddels geen sprake meer. Het zijn gewoon gaten geworden! De meeste golven neemt ons schip prachtig en stuurautomaat houdt het schip keurig op koers, maar soms zit er een bruiser bij die met een harde klap de boot van koers gooit en we een flinke schuiver maken. Niet bepaald comfortabel zeilen dus. We maken ons op voor een onrustige nacht op zee. Als het licht wordt zien we weer het soort golven dat we in de laatste week van de Altantische oversteek zagen. Ruig, hoog, rollend en bruisend. Zelfs een toilet bezoek wordt een circusact. Gelukkig is er nog macaroni van gisteren over, want uitgebreidt koken zit er vandaag niet in. De snelheid zit er goed in want met snelheden van ruim boven de zeven knoop speren we op Bonaire af.
Exact drie etmalen na ons vertrek ronden we de zuidelijk punt van Bonaire, Lacre Punt. We zien de kleine slavenhuisjes aan de kust en even verderop het zoutwinningsgebied. In de luwte van het eiland laat de wind zich nog even goed gelden en trekt aan tot dik dertig knopen. Maar hier zonder golven loopt dat als een raket en een goed uur later pikken we voor Kralendijk een meerboei op. We zijn er; 460 mijl in goed 73 uur. Waar is de Pina Colada?

15 mei 2009

Saba

Vandaag, zaterdag, wordt de deining wat rustiger en neemt de wind af. Goede condities om Saba te bezoeken als tussenstop naar Bonaire en tenslotte Curacao. We halen het anker uit de grond van Gustavia en varen de haven in om water te tanken, even kort het 220V infuus erin, een douche en wat boodschappen. Uiteindelijk is het één uur in de middag als we zover zijn, te laat om nog te vertrekken naar Saba. We besluiten nog een keer een rustige nacht te pakken en varen terug naar Anse Colombier en pikken dezelfde mooring als vorige keer.
Halverwege de middag komen Henk en Angela langsgevaren met hun bijboot, zij liggen even verderop met hun Mi Dushi en ook vertrekkers van de lichting 2008. We nemen een borrel en de gezellige middag vliegt voorbij.

Na een heerlijke nachtrust zonder rollen en stuiteren vertrekken we al vroeg. Om zeven uur laten we St. Barth achter ons en varen op Saba af, het kleinste eiland van de Nederlandse Antillen. Het eiland laat zich niet gemakkelijk bezoeken per boot. Er is een baai waar we via een lange trap aan land kunnen - als de deining het toelaat om daar met de bijboot te landen - en een haventje dat nauwelijks beschutting biedt. Bovendien is het eiland zo klein dat de deining eromheen spoelt en overnachten bijgevolg bijzonder oncomfortabel kan zijn.
Het is een snel en rustig tochtje en tot onze verbazing zijn alle moorings, uitgelegd door Saba Marine Park, vrij. In Ladder Bay maken we de boot vast aan een meerboei en roeien met de bijboot naar de kant. Gelukkig zijn de condities vandaag ideaal om met de bijboot aan land te gaan op het keienstrand onder aan The Ladder. Zodra er maar enige deining is breken de golven op de keien en is landen hier levensgevaarlijk.

Met frisse moed beklimmen we de trap met ruim 800 treden, tot voor kort de enige plaats waar mensen en goederen aan wal konden gaan. Op éénderde staat het oude, vervallen douanehuisje waar we een schitterend uitzicht hebben over de ruige, steile kliffen en ons bootje ver beneden. Eénderde van beneden af gezien, blijkt achteraf want we hebben nog een flinke klim naar boven voor de boeg.
Eenmaal boven komen we uit in The Bottom, de hoofdstad van het kleine eiland. Het is zondag vandaag en helaas is, behalve de kerk, alles gesloten. Het stadje staat vol met schitterende, traditionele houten huizen. Zonder twijfel het mooiste stadje dat we tot nu toe in de Caribbean zagen. Smetteloze wegen, keurige parkjes en goed onderhouden huizen.

Terug aan boord komt van snorkelen helaas niks meer. Het onderwaterleven schijnt hier spectaculair mooi te zijn maar een dikke wolk en ondergaande zon ontnemen het zicht en de zin. De wind houdt ons 's avonds mooi haaks op de golven en het waait zo hard dat de DuoGen het stroomverbruik van de computer kan bijhouden, dus de boordbioscoop is geopend vandaag. Versleten van de lange klim liggen we al vroeg op bed, en dat is maar goed ook. Want als halverwege de nacht de wind is weggevallen en de stroming ons dwars op de golven legt is het gedaan met de nachtrust. We rollen van gangboord tot gangboord, een dikke bui boven de berg doet het mistig, warm en benauwd worden en tot overmaat van ramp begint ook de mooringboei met grote klappen tegen de romp te klotsen.

Enigszins humeurig en niet erg uitgeslapen varen we de volgende ochtend naar Fort Bay, aan de zuidoostzijde van het eiland. We willen de boot daar weer aan een mooring achterlaten en met de bijboot het haventje in om meer van het eiland te zien. Maar eenmaal uit de luwte van het eiland stuiteren we op de golven en krijgen we een puist wind om de oren. Het kleine haventje biedt nauwelijks beschutting. Ankeren is hier onmogelijk en de boot hier achterlaten aan een mooring in anderhalve meter swell en vlagen van dik 6 bft is onverantwoord. We stellen ons plan bij, varen terug naar de mooring in Ladder Bay en maken de boot zeilklaar voor de oversteek naar Bonaire.

Welkom op Sailinglive.nl

In de zomer 2008 vertrokken we voor een reis met onze zeilboot Live, een Baltic 39 uit Zierikzee. Langs de westkust van Europa zeilden we naar het zuiden om vervolgens de Atlantische oversteek te maken naar de Caribbean, waar we een jaar lang hebben rondgezeild. Daarna ging het via Cuba naar de Verenigde Staten. In mei 2010 zeilden we de Oosterschelde weer op een keerden na duizenden zeemijl weer terug in onze thuishaven.

Laatste reacties