26 aug 2008

Wachten in Camaret

Nu we het kanaal uit zijn, kunnen we door naar de zon. Maar tussen hier en de zon ligt de Golf van Biskaje, niet direct bekend om zijn vriendelijke karakter. De Golf van Biskaje kenmerkt zich door de komvorm met de opening naar het westen, en de grote diepteverschillen tussen de oceaanbodem en het plots rijzende continentale plat. De depressies die langs de golf trekken brengen westenwinden met zich mee, waardoor de kust langs de golf lagerwal wordt en alle veilige havens moeilijk toegankelijk worden. Westenwinden stuwen de golven, die al rollend over de oceaan alle ruimte onder zich hebben, op tot grote hoogte, maar door de plotselinge rijzing van het continentale plat vinden deze geen 5000, maar slechts 150 meter onder zich. Gevolg is dat de golven hoger worden en breken.
De rechtstreekse afstand van Camaret naar La Coruna is ongeveer 350 mijl, voor ons zo'n 60 uur varen. Al een aantal dagen houden we het weer goed in de gaten. Nu is het, dankzij een uitloper van het Azoren hogedrukgebied rustig hier, maar op de kop van Spanje in het zeegebied Finisterre, stormt het. Naar verwachting wordt het vrijdag rustig rond Finisterre en kunnen we woensdag vertrekken. We krijgen dan zelfs wind uit het noordoosten, dus dan is La Coruna prachtig bezeild!

Naast ons liggen Allard en Sjoke, die met hun Horizon onderweg zijn naar Portugal. Gisteren even een biertje gedronken, en dat liep aardig uit de hand, dus doen we het vandaag rustig aan. Even boodschappen doen voor de overtocht, de was doen en de stuurautomaat calibreren. Alles is inmiddels aangesloten en zojuist even een proefvaartje gemaakt, hij doet het perfect. Zelfs de afstandbediening doet het, dus we kunnen van binnen en van buiten de boot draadloos besturen, erg handig!

23 aug 2008

Lézardrieux - Camaret; waterig tochtje

Nieuwe ronde, nieuwe kansen. Na een nachtje doorzakken besluiten we vanavond voor de tweede ronde te gaan, en vertrekken we wederom uit Lézardrieux. Het plan is om eerst koers te zetten richting L'Aberwrac'h, zijn we daar op tijd en gaat het goed, dan varen we door naar Camaret-sur-Mer. De True Blue gaat met ons mee, zij hebben bestemming noord Spanje en steken de Golf van Biskaje over.

Eenmaal buiten zijn de omstandigheden veel beter dan gisteren. Met een matig windje uit het ZW varen we aan de wind tot de halverwege de nacht de wind naar het NW gaat ruimen. We gaan overstag en zetten koers naar de westpunt van Bretagne. Voor ons is dit de eerste nacht op zee, samen op deze boot. De stuurautomaat is nog niet aangesloten (zucht) en om de beurt sturen we. Naarmate we verder van de kust gaan komt er iets meer wind en golfslag, maar we lopen prima. Om het uur markeren we onze positie op de kaart en het lukt me om wat te slapen terwijl Ascha de boot door de regenbuien stuurt.

Inmiddels is het licht geworden en als ik na mijn wacht naar binnen ga om nog wat te slapen zie ik de vlonders op de vloer in het water klotsen. Zout water. Niet goed. Natuurlijk komt alles tegelijk want intussen zitten we op een verwarde klotszee, het filter van de automatische bilgepomp zit verstopt en een cruiseschip dat op weg is naar de shipping lane kruist onze koers.

We breken ons het hoofd over waar dit water vandaan komt. Het lijkt erop dat een van de afsluiters water hevelt als we over de bakboord boeg liggen. Eerder was dat het toilet, maar dat is nu vooraf leeggepomt en dichtgezet. Door de spoelbak in de keuken komt wel wat water naar boven, maar dat kan er niet uit. Uit voorzorg gaat ook deze afsluiter dicht. Als ik met de handpomp het meeste water heb weggepompt lijkt de waterstand onder controle te blijven.

Rond half één zijn we voor L´Aberwrac´h. Met de Reeds Almanak erbij zien we dat het krap wordt om het tij mee te hebben door het Chenal du Four. Dit stukje water tussen Île de Ouessant en de westpunt van Bretagne is berucht om zijn sterke getijstromen, zeker bij swell (atlantische deining), harde wind of wind tegen tij. Met nog drie 3 uur stroom mee, besluiten we de gok te wagen en door te varen naar Camaret.
Vlak voordat we het Chenal in draaien ronden we de boei Basse Paupian. De atlantische deining ontmoet hier de stevige westgaande ebstroom én de grillige rotsachtige bodem die hier vlak voor de kust oploopt. Met harde klappen verdwijnt de boot tot de mast in het water. Het lijkt wel een onderzeeer. Er is nauwelijks wind en de motor moet eraan te pas komen om ons uit deze kolkende soepketel te bevrijden en een paar honderd meter verderop zitten we weer in rustig vaarwater.
We ronden de Le Phare du Four, bekend (of berucht) van de posters en varen door het nu rustige, gelijkname kanaal. Het lukt ons net niet om vlak voor de kentering van het tij door het smalle geultje bij Le Conquet te komen. We krijgen nog één keer een stevige stroom op de kop, maar als we dan uiteindelijk de Baie de Brest invaren is het gedaan met de stroming. We laten het English Channel met zijn eeuwige zuidwesters en hevige getijstromen achter ons en meren af in Camaret-sur-Mer.

Voordat we aan de Moules-avec-Frites gaan (het is tenslotte havendag), ruimen we de boot op en gaan op zoek naar de oorzaak van het binnenkomende water. Het lijkt erop dat we bij onze eerdere poging en afgelopen nacht door allerlei gaatjes (ondanks kit en mastkraagtape blijkt de mast nog steeds niet waterdicht) veel water binnen hebben gekregen dat zich onderin de boot heeft verzameld. Doordat de filter van de automatische pomp verstopt zat kon deze het water niet weggepompt krijgen en nu we over een boeg liggen is dat water allemaal naar een kant gestroomd.
In Lézardrieux vertelde een deense buurman dat de automatische pomp op hun splinternieuwe Contest 45 het water ook niet weggepompt kon krijgen omdat de tegendruk te groot was voor de pomp, wanneer ze over een boeg liggen. Mogelijk geldt dat ook voor onze pomp.
Omdat we wanneer in de haven of over bakboord liggend geen last hebben van binnenkomend water, lijkt het erop dat het een samenloop van omstandigheden is geweest. In ieder geval wordt de afsluiter van de spoelbak in de keuken én het filter van de automatische pomp voortaan opgenomen in de routinecontrole die we doen voordat we het water op gaan.

23 aug 2008

Toch(t) maar niet

Hoewel we naast ontzettend gezellige buren liggen en Lézardrieux best een aardig dorpje is, willen we toch door. Met het idee in het achterhoofd dat we zo snel mogelijk het kanaal uit willen, hebben we twee opties. Of 85 mijl naar L´Aberwrac´h, of 120 mijl naar Camaret sur Mer. Met een gemiddelde snelheid van 6 knopen is dat 14 of 20 uur varen. Rekening houdend met het feit dat we hier pas rond hoogwater weg kunnen en dat we bij daglicht aan willen komen, betekend dat in de avond vertrekken en een nacht op zee.

Afgelopen dagen heeft het hard gewaaid, maar de verwachting is dat gedurende de woensdag de ZW wind afneemt naar 5 bft, 's nachts ruimt naar het NW en verder afneemt naar 4. Prima bezeild dus en een goed windje.

De dag voordat wij aankwamen in Lézardrieux zijn Ton en Barbara met hun True Blue met dezelfde weersverwachting uitgevaren maar twee uur later teruggekeerd. Eenmaal buiten gierde de wind hen met 25-30 knopen (6 tot 7 bft) pal west om de oren. Twee grote zwarte buien uit het westen en oosten leken bij elkaar te komen en de golfslag zette de boot (en da's met 17 meter geen kleintje) op z´n kop.

We besluiten woensdagavond te vertrekken en lachend worden we uitgezwaaid door de True Blue'tjes. Terugkomen is champagne roepen we lachend. Beloofd. We varen in het donker de rivier af en zoeken ons slalommend tussen de meerboeien en voor anker liggende bootjes een weg naar buiten. Het riviertje is nauwelijks beboeid en de paar boeien die er liggen zijn onverlicht. Met een zwak zuidelijk windje achterop varen we in het donker langs île de Bréhat en zetten koers naar open zee. Eenmaal buiten ziet het zwart van de buien, hoekt de wind 90 graden naar het westen giert ons om de oren. Als na een half uur de wind nog steeds structureel boven de 28 knopen zit besluiten we terug te keren. Geen weer om een nacht op zee door te brengen.

De stroom is inmiddels gekenterd en met 3-4 knopen stroom tegen varen we langzaam het riviertje terug op. Eenmaal terug in de beschutting van het land is de wind weg. Even twijfelen we nog, maar we varen door naar de haven. De True Blue'tjes zijn voor ons wakker gebleven en helpen ons af te meren. Dat valt nog niet mee want ook in het haventje stroomt het enorm. We ruimen de boot op en pakken de Champagne. Beloofd is beloofd.

Welkom op Sailinglive.nl

In de zomer 2008 vertrokken we voor een reis met onze zeilboot Live, een Baltic 39 uit Zierikzee. Langs de westkust van Europa zeilden we naar het zuiden om vervolgens de Atlantische oversteek te maken naar de Caribbean, waar we een jaar lang hebben rondgezeild. Daarna ging het via Cuba naar de Verenigde Staten. In mei 2010 zeilden we de Oosterschelde weer op een keerden na duizenden zeemijl weer terug in onze thuishaven.

Laatste reacties